Melkveehouders relatief vaak actief in verbreding


In 2016 was ruim 28 procent van de melkveebedrijven multifunctioneel opgezet
dinsdag, 13 december, 2016

Ten opzichte van collega’s in andere sectoren van de landbouw doen melkveehouders relatief vaak aan een vorm van verbreding op hun bedrijf. Niet zelden zorgt de tweede tak ervoor dat de melkveetak beter rendeert.

Uit recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat in 2016 ruim 28 procent van de melkveebedrijven multifunctioneel is opgezet. Voor andere sectoren ligt het aandeel zeven procentpunten lager.

Natuur- en landschapsbeheer populair

Het percentage ondernemers dat natuur- en landschapsbeheer combineert met agrarische productie, is in de melkveehouderij twee keer zo hoog als in andere sectoren. Verkoop aan huis is onder melkveehouders juist relatief minder populair.

Inkomsten uit een baan of zzp-activiteiten buiten het bedrijf vallen buiten de statistieken. Ook een tweede tak binnen de primaire landbouw en de productie van energie worden door het CBS niet onder verbreding verstaan. 

Melkveetak rendeert vaak beter bij tweede tak

‘Een goed renderende nevenactiviteit kan zorgen voor meer stabiliteit van het inkomen van een melkveehouder’, stelt Jan Leyten van de Belgische KBC-bank in de special in Veeteelt. De landbouweconoom merkt daarbij op dat dit alleen geldt als de aandacht van de tweede tak niet ten koste gaat van de prestaties in de eerste tak.

‘Maar niet zelden zien we dat het omgekeerde het geval is. Ondernemers die succesvol zijn in de ontwikkeling van een neventak, verbeteren vaak ook de resultaten in de melkveehouderij. Ze zijn bewuster bezig met hun eindproduct, verbreden hun blik en staan meer open voor feedback’, aldus Leyten.

Verbreding past in trends

Leyten voorziet dat de multifunctionele landbouw in Vlaanderen voorlopig nog zal blijven groeien. ‘Verbreding past  in maatschappelijke trends, zoals het streven naar duurzaamheid en verkorting van de voedselketen’, stelt hij. ‘Het biedt daarnaast ontwikkelingsmogelijkheden voor bedrijven in gebieden waar vergaande schaalvergroting niet haalbaar is. En die zijn er nogal wat in het verstedelijkte Vlaanderen.’ 

Meer achtergronden en reportages over multifunctionele melkveehouderij leest u in het tweede decembernummer van Veeteelt dat aanstaande donderdag verschijnt.


2 reacties

In 2016 was ruim 28 procent van de melkveebedrijven multifunctioneel opgezet
dinsdag, 13 december, 2016

Ten opzichte van collega’s in andere sectoren van de landbouw doen melkveehouders relatief vaak aan een vorm van verbreding op hun bedrijf. Niet zelden zorgt de tweede tak ervoor dat de melkveetak beter rendeert.

Uit recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat in 2016 ruim 28 procent van de melkveebedrijven multifunctioneel is opgezet. Voor andere sectoren ligt het aandeel zeven procentpunten lager.

Natuur- en landschapsbeheer populair

Het percentage ondernemers dat natuur- en landschapsbeheer combineert met agrarische productie, is in de melkveehouderij twee keer zo hoog als in andere sectoren. Verkoop aan huis is onder melkveehouders juist relatief minder populair.

Inkomsten uit een baan of zzp-activiteiten buiten het bedrijf vallen buiten de statistieken. Ook een tweede tak binnen de primaire landbouw en de productie van energie worden door het CBS niet onder verbreding verstaan. 

Melkveetak rendeert vaak beter bij tweede tak

‘Een goed renderende nevenactiviteit kan zorgen voor meer stabiliteit van het inkomen van een melkveehouder’, stelt Jan Leyten van de Belgische KBC-bank in de special in Veeteelt. De landbouweconoom merkt daarbij op dat dit alleen geldt als de aandacht van de tweede tak niet ten koste gaat van de prestaties in de eerste tak.

‘Maar niet zelden zien we dat het omgekeerde het geval is. Ondernemers die succesvol zijn in de ontwikkeling van een neventak, verbeteren vaak ook de resultaten in de melkveehouderij. Ze zijn bewuster bezig met hun eindproduct, verbreden hun blik en staan meer open voor feedback’, aldus Leyten.

Verbreding past in trends

Leyten voorziet dat de multifunctionele landbouw in Vlaanderen voorlopig nog zal blijven groeien. ‘Verbreding past  in maatschappelijke trends, zoals het streven naar duurzaamheid en verkorting van de voedselketen’, stelt hij. ‘Het biedt daarnaast ontwikkelingsmogelijkheden voor bedrijven in gebieden waar vergaande schaalvergroting niet haalbaar is. En die zijn er nogal wat in het verstedelijkte Vlaanderen.’ 

Meer achtergronden en reportages over multifunctionele melkveehouderij leest u in het tweede decembernummer van Veeteelt dat aanstaande donderdag verschijnt.

2 reacties


Reacties


REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.