Ultravroeg maisras mogelijk dit jaar op nationale rassenlijst


Vroeg afgerijpte mais maken het mogelijk om vroeg een groenbemester te zaaien
woensdag, 16 januari, 2013

Mogelijk komt er nog dit jaar een extra ultravroeg maisras op de nationale rassenlijst. Het gaat om mais die in Noord-Nederland in minder dan vierenhalve maand oogstrijp is.<--break->

Het Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (PPO) deed onderzoek naar rassen die begin mei gezaaid en rond half september geoogst kunnen worden. De ultravroege rassen zijn speciaal ontwikkeld voor de maisteelt in Noord-Nederland, dat een korter groeiseizoen voor mais kent dan het zuiden van Nederland.

Belang groenbemester onderschat

Vroeg afgerijpte maisrassen zijn nodig om na de maisoogst zo vroeg mogelijk een groenbemester te zaaien, licht PPO-onderzoeker Jos Groten toe. Volgens Groten wordt het belang van een groenbemester na de teelt van mais te vaak onderschat. ‘Een vanggewas dat minimaal half september wordt gezaaid, kan per hectare 60 kilogram stikstof binden. In het volgende jaar komt daar bij het onderwerken rond eind maart 30 kilogram weer van beschikbaar voor de volgende maisteelt.’

Uitputting bodem door snijmaisteelt

Groenbemesters leveren volgens Groten een steeds belangrijkere bijdrage aan de bemesting. ‘Volgens de stikstofgebruiksnorm mag je bij mais jaarlijks maar 140 kilogram stikstof aanwenden, terwijl mais 200 kilogram nodig heeft.’

Bovendien is de organischestofbalans bij snijmais negatief, aldus Groten. ‘De teelt van snijmais draagt onvoldoende bij aan een goed organisch stofniveau in de bodem. Het gevaar op uitputting van de bodem ligt daardoor op de loer.’


0 reacties

Vroeg afgerijpte mais maken het mogelijk om vroeg een groenbemester te zaaien
woensdag, 16 januari, 2013

Mogelijk komt er nog dit jaar een extra ultravroeg maisras op de nationale rassenlijst. Het gaat om mais die in Noord-Nederland in minder dan vierenhalve maand oogstrijp is.<--break->

Het Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (PPO) deed onderzoek naar rassen die begin mei gezaaid en rond half september geoogst kunnen worden. De ultravroege rassen zijn speciaal ontwikkeld voor de maisteelt in Noord-Nederland, dat een korter groeiseizoen voor mais kent dan het zuiden van Nederland.

Belang groenbemester onderschat

Vroeg afgerijpte maisrassen zijn nodig om na de maisoogst zo vroeg mogelijk een groenbemester te zaaien, licht PPO-onderzoeker Jos Groten toe. Volgens Groten wordt het belang van een groenbemester na de teelt van mais te vaak onderschat. ‘Een vanggewas dat minimaal half september wordt gezaaid, kan per hectare 60 kilogram stikstof binden. In het volgende jaar komt daar bij het onderwerken rond eind maart 30 kilogram weer van beschikbaar voor de volgende maisteelt.’

Uitputting bodem door snijmaisteelt

Groenbemesters leveren volgens Groten een steeds belangrijkere bijdrage aan de bemesting. ‘Volgens de stikstofgebruiksnorm mag je bij mais jaarlijks maar 140 kilogram stikstof aanwenden, terwijl mais 200 kilogram nodig heeft.’

Bovendien is de organischestofbalans bij snijmais negatief, aldus Groten. ‘De teelt van snijmais draagt onvoldoende bij aan een goed organisch stofniveau in de bodem. Het gevaar op uitputting van de bodem ligt daardoor op de loer.’

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.