Europese Unie haalt 80 procent van het voereiwit van eigen land


De Europese Unie is zelfvoorzienend voor eiwit uit ruwvoer, maar voor slechts twee procent voor eiwit uit soja
woensdag, 22 mei, 2019

Bijna tachtig procent van het eiwit dat aan landbouwhuisdieren in de Europese Unie wordt gevoerd, wordt ook in de Europese Unie geteeld.

Dit blijkt uit een overzicht van de Europese Commissie over het jaar 2017-2018.  Het gaat hier om alle landbouwhuisdieren, dus naast rundvee betreft het bijvoorbeeld ook varkens en kippen.

Bijna zelfvoorzienend voor graan

Zo’n 45 procent van het gevoerde eiwit is afkomstig van ruwvoerders als gras, mais en vlinderbloemigen. Voor deze voeders is de Europese Unie helemaal zelfvoorzienend. Ook voor granen – die verantwoordelijk zijn voor 20 procent van het voereiwit – is de Europese zelfvoorzieningsgraad met 90 procent hoog. Opmerkelijk is dat niet meer dan 2 procent van de eiwitbehoefte wordt gedekt door peulvruchten (zoals soja, erwten en lupine) en zaden (koolzaad en zonnebloem) die rechtstreeks aan vee worden gevoerd.

31 procent uit bijproducten

Uit het grootse deel van de vruchten en zaden wordt eerst olie geperst, waarna de schroten als veevoer worden ingezet. Ook andere bijproducten uit de voedingsindustrie, zoals bierbostel en bietenpulp, leveren een bijdrage aan de eiwitbehoefte. Bijproducten leveren in totaal 31 procent van het benodigde voereiwit in Europa. De zelfvoorzieningsgraad voor deze producten ligt binnen de EU op 39 procent. Met name voor sojaschroot is de zelfvoorzieningsgraad laag. Van de gevoerde soja wordt 98 procent in het buitenland geteeld.

Meer eiwit, minder zelfvoorzienend

De Europese Commissie stelt vast dat de zelfvoorzieningsgraad voor eiwithoudende voeders daalt naarmate het eiwitgehalte toeneemt. Zo wordt 97 procent van de voeders met minder dan 15 procent eiwit op eigen grond geteeld en voor de voeders met 15 tot 30 procent eiwit ligt dit percentage op 86. Voor de eiwitrijke voeders, met 30 tot 50 procent eiwit, ligt de zelfvoorzieningsgraad op niet meer dan 29 procent.

Het complete overzicht is te vinden op de site van de Europese Unie. Klik hier om dit overzicht te bekijken.

 

 


0 reacties

De Europese Unie is zelfvoorzienend voor eiwit uit ruwvoer, maar voor slechts twee procent voor eiwit uit soja
woensdag, 22 mei, 2019

Bijna tachtig procent van het eiwit dat aan landbouwhuisdieren in de Europese Unie wordt gevoerd, wordt ook in de Europese Unie geteeld.

Dit blijkt uit een overzicht van de Europese Commissie over het jaar 2017-2018.  Het gaat hier om alle landbouwhuisdieren, dus naast rundvee betreft het bijvoorbeeld ook varkens en kippen.

Bijna zelfvoorzienend voor graan

Zo’n 45 procent van het gevoerde eiwit is afkomstig van ruwvoerders als gras, mais en vlinderbloemigen. Voor deze voeders is de Europese Unie helemaal zelfvoorzienend. Ook voor granen – die verantwoordelijk zijn voor 20 procent van het voereiwit – is de Europese zelfvoorzieningsgraad met 90 procent hoog. Opmerkelijk is dat niet meer dan 2 procent van de eiwitbehoefte wordt gedekt door peulvruchten (zoals soja, erwten en lupine) en zaden (koolzaad en zonnebloem) die rechtstreeks aan vee worden gevoerd.

31 procent uit bijproducten

Uit het grootse deel van de vruchten en zaden wordt eerst olie geperst, waarna de schroten als veevoer worden ingezet. Ook andere bijproducten uit de voedingsindustrie, zoals bierbostel en bietenpulp, leveren een bijdrage aan de eiwitbehoefte. Bijproducten leveren in totaal 31 procent van het benodigde voereiwit in Europa. De zelfvoorzieningsgraad voor deze producten ligt binnen de EU op 39 procent. Met name voor sojaschroot is de zelfvoorzieningsgraad laag. Van de gevoerde soja wordt 98 procent in het buitenland geteeld.

Meer eiwit, minder zelfvoorzienend

De Europese Commissie stelt vast dat de zelfvoorzieningsgraad voor eiwithoudende voeders daalt naarmate het eiwitgehalte toeneemt. Zo wordt 97 procent van de voeders met minder dan 15 procent eiwit op eigen grond geteeld en voor de voeders met 15 tot 30 procent eiwit ligt dit percentage op 86. Voor de eiwitrijke voeders, met 30 tot 50 procent eiwit, ligt de zelfvoorzieningsgraad op niet meer dan 29 procent.

Het complete overzicht is te vinden op de site van de Europese Unie. Klik hier om dit overzicht te bekijken.

 

 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.